Bob van der Sterre | Objecten die tegen je praten

Een wilde wingerd op leeftijd met woordenblaadjes? Of toch een oude Friese staartklok waar zich zinnetjes in hebben genesteld?

Nee, de objecten van Karin van Pinxteren doen mij eigenlijk het meest denken aan de toekomst. Een postmoderne, ovalen klok. Eentje die pas in 2064 in de mode zal raken. Een soort AI-klok met een eigen willetje. Geeft liever niet de tijd weer – wel een mooie zin.

Karin van Pinxteren | OAE #3 | 2018 | photo Peter Cox
Onbekend Atmosferisch Effect #3 | foto Peter Cox

Taal in kunst is niet alledaags

Taal is opvallend afwezig in veel kunstwerken. Het beeld spreekt meestal, woorden zijn niet nodig. En andersom houdt taal zich niet al te veel bezig met beeld.

Er zijn wel uitzonderingen. Je kunt denken aan de gedichten van Apollinaire, die dichtte in de vorm van de Eiffeltoren, een vrouw, een bloempot en nog veel meer (zijn beroemde Calligrammes).

John Baldassari hoort daar ook bij. Denk aan het nog steeds actuele I will not make any more boring art uit 1971, of het net zo nog steeds actuele Tips for Artists Who Want to Sell Well.

Dan is er nog Bruce Naumann, die neon woorden promoveerde tot kunstwerken. Dichter bij huis hebben we Marcel van Eeden die taal een prominente plek geeft in zijn tekeningen.

Gedicht in casino #1  | foto Peter Cox

Objecten die tegen je praten

Een loot aan de boom van deze artistieke evolutie is ook Karin van Pinxteren. In twelve-twelve gallery zitten haar woorden de ene keer aan een soort hangplantconstructie vastgeplakt; de andere keer verstopt in een soort dartbord-ganzenbord-roulette-constructie (met haar eigen logo als bull’s eye).

De werken tikken de wereld van design aan. Daaraan zie je de achtergrond van Van Pinxteren, die een opleiding als grafisch vormgever heeft gedaan.

In een interview zei ze: ‘Ik ben inmiddels veel langer beeldend kunstenaar dan dat mijn opleidingen vormgeving hebben geduurd – maar een beetje vormgever ben ik toch gebleven.’

Ze heeft zelfs een eigen logo. Je vindt die terug op een website, een dichtbundel, installaties, schilderijen en het knalgele tasje dat ze ontworpen heeft.

Het ovaal hoort nu bij Van Pinxteren zoals het strand bij Scheveningen en is haar zo dierbaar dat ze het in de video Easy to love, but hard to live with streelt en knuffelt.

Easy to love Karin van Pinxteren 2017 lowres
Easy to love

Eigen logica

De woorden domineren de werken niet, zoals bij bijvoorbeeld Bruce Naumann, maar zijn er eerder per ongeluk ingerold. Ze zijn minder bezig om een statement te maken. Dat geeft een bescheiden karakter aan de kunstwerken.

One appears and disappears in the landscape of the other

Soms is het daglicht vier eeuwen breed

Aan een van je Turkse tulpen hangt een gouden oorring

Zo draal met mij

Waterpas is een streven

Mooie woorden of niet, de eigen logica is belangrijker dan al het andere. Iets moet een reden hebben om het te maken, legt ze in hetzelfde interview uit. ‘Het is dralen, slenteren, sjokken, om iets heen draaien tot ik het begrijp.’

Karin van Pinxteren | OAE #2 | 2018 | photo Peter Cox
Onbekend Atmosferisch Effect #1 | foto Peter Cox

Vriendelijke poëzie

Zoals met de wat meer vriendelijker poëzie hoef je geen stoere woorden in krachtige inkt door te slikken. Ik hou er zelf wel van om zinnen zelf in je hoofd te laten dwarrelen zoals je een goede wijn bij het proeven door je gehemelte laat gaan.

Een zachtaardige lichtvoetigheid, dat is de ‘afdronk’ van deze woorden, zoals ook blijkt uit dit gedicht van Van Pinxteren (uit haar boekje Sofa Journal):

Polijst ons gesprek
Wrijf de lichaamstaal op
Politoer de ademhaling
Lak de tussenruimten
Zet de stiltes in de boenwas

handspiegel plooit | Karin van Pinxteren | 2017s
Asymmetry is a gift | je plooit mijn stof | foto Peter Cox

Communiceren met een dode schrijver

Easy to love dus deze werken, hoewel dat ‘easy’ wel ironisch is met deze soms raadselachtige teksten.

Galeriehoudster Silvia Bakker vertelt bijvoorbeeld over het werk Paper is as cosmic as the universe #4. De tekst slaat op schrijver Kurt Tucholsky, die een traumatische ervaring beleefde toen hij tijdens een stierengevecht een paard zag sterven. Van Pinxteren lijkt hem alsnog, ruim tachtig jaar later, proberen te troosten.

Ich kann genau das Auge sehen
Het is de oogopslag
Das Auge versteht nicht
Die het dier menselijk maakt

De zinnen komen uit deze tekst van Tucholsky’s verhaal Stierkampf in Bayonne. Voor wie tranen goed kan bedwingen hier de hele scène:

Der Stier zerquält ein Pferd, so daß es sich schon nach dem ersten Stoß nicht mehr erheben kann – und da liegt es. Ich kann genau das Auge sehen, dieses große, sanfte Auge. Das Auge versteht nicht. Es sagt: »Warum? Warum?« – Es dauert lange, bis der Mann mit dem kleinen handfesten Messer kommt, das schnell wie ein Keil in den Schädel geschlagen wird… es dauert so lange. Die Kapelle spielt, ein sanfter Walzer wogt über das sterbende graue Pferd hin, weich und schaukelnd – ich weiß, wie der im Sande ruhende Körper unten aussieht… Da kommt der Abdecker. Le reste n’existe pas.

Kurt Tucholsky in een expositie! Dat ik dat ooit nog eens mocht meemaken. De satirische columnist krijgt in ons land zelden de aandacht die hij verdient – een lot dat voor mijn gevoel de schilders Otto Dix en George Grosz met hem delen.

Een zin als deze is bijvoorbeeld puur Tucholsky: De mens heeft afgezien van voortplantingsdrift en eten maar twee passies: lawaai maken en niet luisteren.

Benieuwd wat Karin van Pinxteren daarop zal antwoorden.


gepubliceerd op Jegens & Tevens

solo presentatie Easy to love, Twelve Twelve Gallery Den Haag